• Zeven jaar op bezoek bij DFC

    In 1883 zijn er in Nederland nog maar een paar veldsportverenigingen in Nederland, overgewaaid uit Engeland is cricket bij veel van deze clubs de hoofdsport. Ook in Dordrecht begint ene Herman Otto van der Linden van Snelrewaard met wat neefjes en vriendjes deze sport te beoefenen in de tuin van zijn oom, die schuin tegenover Kunstmin woonde in Villa Soekasari.
    Op 16 augustus 1883 wordt D.C.C. - Dordrechtsche Cricket Club – opgericht. In 1891 komt hier de naam Football bij om uiteindelijk in 1899 volledig voor het voetbal te kiezen. Tot op de dag van vandaag kennen wij deze club als DFC.
    Deze grootse Dordtse club speelt vanaf 1885 aan de Markettenweg aan de rand van de wijk Krispijn, vlak achter het Centraal Station van de gemeente Dordrecht. Aan de Markettenweg speelde DFC maar liefst meer dan 60 jaar, maar zoals altijd is woningbouw belangrijker dan sportverenigingen en in 1948 werd deze club verjaagd van haar veld. Het is jammer dat sportvelden altijd maar weer het onderspit delven en dat de geschiedenis van vrijwel elke voetbalvereniging ook bestaat uit verplichte verhuizingen.

    De laatste wedstrijd van DFC aan de Markettenweg vond plaats op 29 februari van 1948, de tegenstander was Feyenoord en de uitslag was 4-1 voor de Dordtse club. Na afloop van deze wedstrijd werden de tribunes letterlijk afgebroken en de grasmat werd uitgestoken en opgerold om gebruikt te kunnen worden aan de nieuwe locatie aan de Krommedijk. Op 14 augustus 1948 werd dit terrein officieel in gebruik genomen.
    Zoals we vorige week al schreven, werd Dubbeldam in 1951 ook verjaagd door de oprukkende nieuwbouw en op dat moment was er geen geschikte locatie te vinden. We mochten tegen betaling van een pittige huur gebruik maken van de nieuwe locatie van DFC. Net als OMC jaren later ging Dubbeldam voetballen aan de Krommedijk, alleen behielden wij wel onze naam en ook toen DFC betaald voetbal ging spelen, werden we geen DFC-Amateurs.
    Voor Dubbeldam waren het zeven zware jaren, waarin we geen sportieve successen wisten te behalen en het voortbestaan van onze vereniging zelfs op de tocht stond, omdat we moeite hadden de huur op te brengen. Dat we niet meer in Dubbeldam konden voetballen, deed natuurlijk ook zeer.
    Dubbeldam speelde in die jaren in de derde klasse en eindigde vooral in het rechterrijtje, waarna in 1956 ook nog eens degradatie volgde. Weinig feestelijks om over te schrijven derhalve.

    Voor onze gastheren waren het trouwens bijzondere jaren, ze speelden Tweede Klasse en promoveerden in 1954 naar de Eerste Klasse, destijds het hoogste niveau in het Nederlandse voetbal. Het seizoen 1954/55 werd een van de vreemdste ooit. Uit onvrede dat de KNVB niet met betaald voetbal wilde beginnen, startte de NBVB een eigen competitie. Beide competities haalden het einde niet en werden tijdens het seizoen samengevoegd.
    In het seizoen 1955/56 speelde DFC weer op het hoogste niveau, dit keer de Hoofdklasse genoemd. In totaal streden 36 ploegen in twee competities om het landskampioenschap. Een jaar later werd de Eredivisie opgericht en uit elke competitie mochten de beste negen ploegen hieraan meedoen.
    DFC werd gedeeld negende en moest tegen GVAV een beslissingswedstrijd spelen, na verlenging werd er nipt met 4-3 verloren, waardoor DFC zich net niet wist te kwalificeren voor het allereerste jaar Eredivise. Het kan bijna niet anders dan dat enkele Dubbeldammers dit van dichtbij meegemaakt hebben.

    Inmiddels zijn we terechtgekomen in een periode die de wat oudere leden onder ons zich nog kunnen herinneren. Arie de Vogel kijkt hieronder terug op deze tijden.
    Samen met Arie springen we meer dan 70 jaar terug in de tijd, hij was toen 12 jaar oud en nog geen lid van Dubbeldam. Wel ging Arie al kijken naar de verrichtingen van ons eerste elftal en voor iedereen die goed kan hoofdrekenen weet dat we ongeveer in 1950 zijn aanbeland. We voetbalden nog net aan de Rechte Zandweg en om bij het veld te komen moest je via het Zandwegpad over een plank, die als brug voor een sloot gebruikt werd.
    Het clubgebouw was niet alleen wankel, maar had ook geen kantine. Onze spelers en tegenstanders konden zich omkleden en Cees Bothof, destijds terreinknecht, verkocht drinken en wat te eten via een luik in het gebouw.
    Vrijwel direct achter het verste doel vanaf de Rechte Zandweg liep ook een sloot, waarachter de Dubbeldamse ijsbaan lag. Ook daar heeft Arie nog mooie herinneringen aan, omdat hij daar menig kilometer geschaatst heeft. Twee namen van spelers van het eerste kwamen bij Arie weer naar bovendrijven, Aai de Jong en Aart Reedijk, topscoorder van het elftal.
    In 1952 werd Arie lid van Dubbeldam en toen speelden we dus op de velden van DFC. Arie speelde hier in totaal zes jaar, twee jaar bij zowel de B-junioren, de A-junioren als in het eerste.
    In februari 1958 ging Arie in militaire dienst, waardoor hij weinig weet te vertellen over de bouw en ingebruikname van het Kooipad. Wel heeft hij twee foto’s van de opening meegestuurd en na militaire dienst zou Arie terugkeren als aanvoerder van ons eerste. Aan het Kooipad bewaart hij en veel Dubbeldammers met hem hele mooie herinneringen. U mag deze met ons delen, zeker als u nog foto’s heeft uit deze periode.

    De foto's die vandaag te bewonderen zijn:
    - een foto vanaf de Grote Kerk, genomen rond 1883, het jaar waarin DFC werd opgericht
    - Villa Soekarai, waar het voetbal in Dordrecht zijn oorsprong kent
    - Actiefoto van de laatste wedstrijd van DFC aan de Markettenweg
    - Echte Dordtse klei, opgeraapt van het veld aan de Markettenweg
    - De grote tribune van DFC
    - Cees Bothof, foto genomen aan het Kooipad
    - Twee foto's van de opening van het Kooipad, waar jong Dubbeldam voetbalde tegen oud Dubbeldam

  • Deel uw herinneringen